Armoedig activeringsbeleid?!
Hoewel de armoedecijfers ontluisterend zijn, is de armoedethematiek vaak te weinig een echte beleidsprioriteit. Recente gegevens van het Centrum voor Sociaal Beleid leren dat 16 % van alle personen in een gezin leven met een inkomen dat gelijk is of lager dan de EU-armoedegrens. Voor niet-werkenden bedraagt dit 28 % en voor kinderen die opgroeien in een gezin zonder arbeidsinkomen liefst 78 %. Ook het Jaarboek Armoede van Prof. Vranken confronteert ons weer met deze harde gegevens. Dat is een reden om het activeringsbeleid toch voor het licht van de armoedebestrijding te houden. Het heeft geen zin om een goednieuwsshow te houden, omdat in de voorbije periode van hoogconjunctuur nog nooit zoveel mensen aan het werk zijn geweest o.m. dankzij het activeringsbeleid. Het heeft geen zin om ons blind te staren op de toegenomen werkzaamheidsgraad van de kansengroepen. We hebben immers niet de luxe om welke talenten dan ook te negeren op de arbeidsmarkt. Daarom moeten we in het activeringsbeleid een blijvend maar ook beter oog hebben voor armoedebestrijding. We weten dat “werken alleen” niet voldoende is, maar wel noodzakelijk om uit de armoede te geraken. Dus ligt hier een belangrijke opdracht voor alle arbeidsmarktactoren. Wat kunnen we meer en beter doen?
Lees meer
1 opmerking:
In ons huidig economisch systeem fungeren voorlopig nog groei, voorspelbaarheid en controle, kostenbeheersing en onmiddellijke inzetbaarheid als basisprincipes. Door altijd maar meer, beter en goedkoper te willen verbruiken duwen wij onszelf onbewust maar zeker helemaal uit de arbeidsmarkt en de bedrijven naar goedkopere oorden. Onze comsumptiehouding ( deze is niet de enige, maar wel een belangrijke oorzaak) wurgt niet alleen onze eigen economie, maar ook onze maatschappij en ons sociaal stelsel. Eén van de oplossingen zou zijn een grondige mentaliteitsverandering in de samenleving te bewerkstelligen, bvb. alleen maar al door de diversiteit van onze samenleving te aanvaarden, ruimte te geven en te integreren in onze economie onder het motto "er is plaats voor iedereen in de mozaïek van het leven en de maatschappij". Niet alleen de kansengroepen, maar op termijn iedereen heeft er baat bij. Deze bewustwording moet gecreëerd worden. In de bedrijfswereld zouden bvb. zowel in MVO als in deugdelijk bestuur principes kunnen worden opgenomen waarbij bedrijven als "spiegel van onze maatschappij" moeten fungeren met plaats en ruimte voor iedereen, ook voor kansengroepen en in dit geval ook voor armen. De betere integratie van corporate social responsability in de criteria van bankiers en investeerders zou hier ook bij kunnen helpen. Probleem hierbij is hoe men deze kansengroep zou kunnen registreren zonder te schaden aan de integriteit en de privacy van de persoon. Verdere ontwikkeling en stimulering van nieuwe innovatieve arbeidsorganisaties, werkplekleren en mentorschap, officiële ervaringsgetuigschriften, neurowetenschappelijke begeleiding van leidinggevenden en werknemers, zeker van de 'moeilijk handelbare gevallen' zouden hier hun nut kunnen bewijzen.
Eén van de problemen is dat bepaalde van deze kansengroepen over weinig of geen arbeidsattitudes beschikken. Dit kan de samenwerking met collega's bemoeilijken,een negatieve invloed op de motivatie van andere werknemers hebben, en de bedrijfsorganisatie danig ingewikkeld maken. Het kan er zelfs toe leiden dat bepaalden onder hen niet in een bedrijf kunnen geïntegreerd worden.
Een ander probleem is dat kansengroepen dikwijls ook een sociale begeleiding nodig hebben, die bedrijven niet op zich kunnen nemen.
Bedrijven zouden dus duidelijk nood hebben aan:
- professionele ondersteuning en begeleiding bij het opzetten van "bedrijf als spiegel van de maatschappij",
- aanmoediging en stimulering door de overheid,
- afstemming en samenwerking met officiële instanties die wel in sociale begeleiding kunnen voorzien.
Deze korte reflectie wijst zeker op de complexiteit van het probleem en op het feit dat integratie van kansengroepen een kostenplaatje heeft, zowel voor de samenleving als voor de bedrijven. De switch van "kost" naar "investering in een duurzame maatschappij" moet bewerkstelligd worden. Belangrijk om draagvlak te creëren is dit op de agenda van de sociale partners te plaatsen.
Een reactie posten