De milieutechnologie staat niet stil. Geïnspireerd door eco-goeroes zoals Michael Braungart en William McDonough gaan eco-progressieve bedrijven over tot de creatie van cradle-to-cradle-producten (C2C), producten waarbij elke vorm van afval vermeden wordt en men zelfs probeert gebruiksvoorwerpen te “up”-cyclen in plaats van louter te down- of recyclen.
Zo werkt de designafdeling van Ford momenteel momenteel aan een pure C2C-auto,
de Ford U; Trigema, de grootste Duitse T-shirt fabrikant, ontwikkelde 100% composteerbare T-shirts; Droog Design levert hooi-met-harsbanken en –tuinstoelen die aan het einde van hun levenscyclus volledig herbruikt kunnen worden; Herman Miller produceert zijn befaamde Mirra bureaustoelen volgens de C2C-principes zodat de gebruikte materialen opnieuw tot op moleculair niveau kunnen worden gescheiden,…
de Ford U; Trigema, de grootste Duitse T-shirt fabrikant, ontwikkelde 100% composteerbare T-shirts; Droog Design levert hooi-met-harsbanken en –tuinstoelen die aan het einde van hun levenscyclus volledig herbruikt kunnen worden; Herman Miller produceert zijn befaamde Mirra bureaustoelen volgens de C2C-principes zodat de gebruikte materialen opnieuw tot op moleculair niveau kunnen worden gescheiden,…
Kan zo’n eenvoudig maar (r)evolutionair business-model van eco-leasing ook het arbeidsmarktbeleid inspireren? Ecologie heeft immers toch ook betrekking op de symbiotische relaties tussen mensen en instituties, niet? Zouden we dus geen globaal arbeidsmarktmodel kunnen ontwikkelen waarbij “human resources” behandeld worden zoals “natural resources” in de milieutechnologische modelbedrijven? Dat zou betekenen dat deze human resources niet beschouwd worden als koopwaren die men “gebruikt” en na gebruik kan deponeren op een afvalberg van verloren competenties. De human resources worden in zo’n visie ingehuurd, onderhouden en na afloop van de huurperiode teruggeven voor re- en upcycling. Als de huurder de resources niet echt of voldoende onderhouden heeft, wordt de waarborg aangesproken. Heel anders dan nu!
Reeds jarenlang worden immers de competenties van tienduizenden werknemers van een zekere leeftijd in vuilnisbakken gestopt en gedumpt op één grote afvaltbelt. Waarom deze competenties niet beter “verzilveren” en afleveren met een strikje errond én met een diploma van verworven competenties? Of beter nog, waarom niet eerst zelf nagaan of er een interne mogelijkheid is tot re- of upcycling. Zo ook zouden we uitzendkrachten die een weg naar duurzaam werk zoeken via een C2C-aanpak kunnen versterken. Laat uitzendbedrijven de via uitzendarbeid behaalde generieke of gespecialiseerde competenties verzilveren in de individuele competentieportfolio van de uitzendkracht. Dat maakt het voor de toekomstige werkgever mogelijk om diens resources onmiddellijk beter in te zetten. Dit houdt ook in dat de uitzendkracht die niet kan doorstromen naar duurzaam werk, ook gerichter en doeltreffender in zijn professionele herinschakelingstraject kan worden ondersteund. Zo draagt uitzendarbeid nadrukkelijk bij tot een upgradingsstrategie.
Dit zijn slecht enkele mogelijkheden van een nieuw arbeidsmarktmodel gebouwd op “eco-leasing”. Een inherent gevolg van zo’n model is dat men veel sneller zal evolueren naar een structureel aanpassingsbeleid; in de milieutechnologie spreekt men in dit kader over de heropbouw van een “herstel-economie” waarin het lonend is producten te herstellen in plaats van ze weg te gooien. Toegepast op de arbeidsmarkt leidt zo’n aanpak tot voortdurende investering in de competenties van medewerkers. De arbeidsmarkt wordt aldus een kringwinkel van competenties! Duurzaam competentiemanagement m.a.w.en daar hebben we nood aan!
Fons Leroy
Gedelegeerd bestuurder
VDAB
Gedelegeerd bestuurder
VDAB
1 opmerking:
Prachtig idee, maar hiervoor is dan wel een degelijk online systeem nodig - waarover VDAB ook wel beschikt - die gemakkelijk toegankelijk is én upgedate wordt door zowel begeleiders als werkgevers.
Een reactie posten