donderdag 21 oktober 2010

In elk van ons zit een witte raaf

Wie zit er niet graag op een zomers terrasje?

Niet alleen voor de gezelligheid, de drank die er vloeit of het schone volk dat zich er bijeen schaart, maar ook voor het af- en aanvliegen van vogels. De meerderheid daarvan zijn duiven. Geen gekweekte prijsduiven, wel doorwinterde, grijze stadsduiven. Je kijkt er nauwelijks van op; ze maken bijna onopgemerkt deel uit van het geheel. Raven en andere zeldzame vogelsoorten zijn er amper te bespeuren (dan zouden de oe’s en aah’s van de tafels opstijgen) en witte raven zijn er al helemaal ‘du jamais vu’. Nu doen we de werkelijkheid oneer aan door de arbeidsmarkt te vergelijken met een zomers terras, maar een deel van de vergelijking gaat wel degelijk op. Witte raven zijn een zeldzaamheid. Je kunt je afvragen of ze eigenlijk wel bestaan. Alleen maakt het idee dat ze zoùden bestaan, het voor heel wat minder mythische vogelsoorten knap lastig om nog enige bewondering te oogsten.

Uiteraard gaan werkgevers op zoek naar witte raven. Want eens de witte raaf gevonden, volgt de rest als het ware vanzelf. Alleen verloopt die zoektocht bijzonder moeizaam. Waarschijnlijk omdat de witte raven niet talrijk en bovendien niet met een paar kruimels te vangen zijn. En dan gaat de zoektocht verder… De queeste van de witte raaf.

Het doet me denken aan die film van Jim Carrey “When nature calls” waarin “Pet Detective” Ace Ventura op zoek gaat naar een heilige witte vleermuis… om een oorlog tussen twee stammen te stoppen. Zo zijn de werkgevers ook op speurtocht naar witte raven om de “War for Talent” te stoppen. Maar Galapagoseilanden of Ballestaseilanden vol witte raven bestaan niet.

Misschien moeten we dan toch eens beter naar al die grijze duiven kijken. Hebben ze geen unieke vaardigheden? Vliegen duiven niet snel en rechtlijnig op hun doel af? Zijn het niet de enige vogels die water met de snavel opzuigen? Hebben ze geen fenomenaal oriëntatievermogen? En is de duivenpopulatie op zich niet erg divers. Naast de stadsduif zijn er ook nog bijvoorbeeld de bosduif, de rotsduif, de jufferduif, de houtduif, de Turkse en de Oosterse tortel, de kroonduif en de parelhalstortel… Als we die vaardigheden en variëteiten onderkennen blijken de duiven dus ook witte raven te zijn! Het komt er dan ook op aan het witte raafgehalte in elke duif te zien. Elke duif is een stukje witte raaf als we er dieper naar leren kijken en anders mee leren omgaan.

Die kijk hebben we ook nodig op de arbeidsmarkt. Iedereen heeft unieke talenten of hij of zij er nu uitziet als een bontkleurige papegaai, een grijze duif, een waggelende pinguïn of een pelikaan met een gedeukte vleugel. Geef iedereen de kans om zijn talenten te tonen en we zullen erin slagen een groot deel van de knelpuntberoepen in te vullen. De krapte op de arbeidsmarkt wordt in de komende jaren alsmaar groter ingevolge de vergrijzing van de beroepsbevolking. Door de inzet van grijze duiven en met een witte ravenbril op kunnen we evenwel deze krapte kwantitatief én kwalitatief aanpakken. En is de duif niet het symbool van de vrede en dus het gepaste “wapen” in de War for Talent? 

Fons Leroy
Gedelegeerd bestuurder
VDAB

2 opmerkingen:

Anoniem zei

Mijn vader was een duivenspeler , een van die echte. Gans ons familiaal leven werd er door gedomineerd . Slechts één enkel gespreksonderwerp en het familiefeest moest wijken als de duiven nog niet gevallen waren . Moeder stond daar mooi te blinken met haar met veel toewijding klaargemaakte maaltijd . Maar dit ter zijde. Als kind werd ik ingeschakeld in het opleren van de duiven . Vader selecteerde een aantal jonge duiven , stopte ze in een mand , bond die mand vast op het bagagerek van mijn fietsje en.. weg was ik . In het begin moest ik slechts een aantal kilometers rijden vooraleer ik de duifjes kon loslaten. Minder leuk was dat er een rechtevenredige relatie was tussen de vorderingen van het leerproces en de fietsafstand . Steeds kozen de duifjes ervoor om het hok op te zoeken . Soms met enige vertwijfeling , ze draaiden dan eerst wat rondjes , maar éénmaal de goede richting gevonden kozen ze steeds de weg naar hun hok . Geen enkele duif dacht eraan om eens de nabije stad te bezoeken of het dichtgelegen bos . Ze wisten duidelijk wat van hen verwacht werd : opleiding tot een wedstrijduif en nadien plichtsgetrouw hun beste vleugels voorzetten om zo vlug mogelijk ingeklokt te worden . Enkele maanden later kwam de grote dag , ze werden ingekorfd voor Dourdan of Tours. En steeds kozen ze de weg naar huis , de ene al iets sneller dan de andere . Ze hadden een standvastigheid , een vaste wil en vastberadenheid om te vodoen aan hun roeping . Geen enkele duif dacht eraan om hun loopbaan alsnog te veranderen , ze hadden ook kunnen kiezen om stadsduif of bosduif te worden. Waarschijnlijk een minder zwaar statuut en zeker minder prestatiegericht .
Ik lees vandaag in een extra bijlage van het Laatste Nieuws een interessant artikel over knelpuntberoepen en over 1500 vacatures voor schilders die niet ingevuld geraken. De verantwoordelijke van de sector wijst dat er naast een gebrek aan instroom in het onderwijs ook een serieus probleem is met de uitstroom . ik citeer " bij de schoolverlaters wordt vastgesteld dat slechts een op vijf ook daadwerkelijk het schildersberoep gaat uitoefenen" . Een op vijf , is nauwelijks twintig procent . Om achter over te vallen . Waar is de standvastigheid , de vaste wil om uit te voeren wat je geleerd hebt . Waarom het statuut van prijsduif verlaten om een bosduif of stadsduif te worden . Worden deze laatste soms niet afgeschoten ?

Viviane Ron,val zei

De kans om een leven op te bouwen mogen we binnen de mogelijkheden aan niemand ontnemen. Elke arbeid is nodig, de intelligente man is blij dat er elke week iemand het vuil komt ophalen. De arbeider denkt anders dan een bediende, daar is niks mis mee, het heeft een verrijkend effect op iedereen. De mens in zijn functie vult mekaar aan. Het is de enige weg die we moeten volgen : er zijn geen minderen en geen beteren. Samen maken we er het beste van en de toegang tot het beste daarvan hebben we ieder van ons de sleutel van in de hand. Tot dat besef is nog niet iedereen gekomen.
De burger in zijn diversiteit, laten we hem nemen zoals hij is en iedereen mee aan gelijke streep zetten om een kans te krijgen geaccepteerd te worden. Geef eenieder op de wereld een eigenwaarde en je zal versteld staan hoe dingen, situaties veranderen.
Het is volgens mij de vaste cruciale factor om een sterke start naar ‘gelijke kansen ‘ met succes tegemoet te gaan.